17 april 2012

Schending waarschuwingsplicht en zorgplicht leidt tot aansprakelijkheid voor beleggingsadvies

Categorie: Bestuursrecht

Advocaat bespreekt aansprakelijkheid van beleggingsadviseur bij verzuim zorgplicht

De beleggingsadviseur heeft een zorgplicht en waarschuwingsplicht jegens zijn klant, de belegger. In deze zaak leed de belegger door een beroepsfout aanzienlijk verlies en klaagde de bank aan die hem adviseerde voor de geleden schade. De bank heeft zeer risicovolle transacties uitgevoerd. Ook was voor de bank niet duidelijk wat inkomen van de belegger en de omvang en bestemming van zijn vermogen waren. Het “Beleggings Inventarisatie Formulier” is onjuist ingevuld.

Zorgplicht belangrijke maatstaf voor zorgvuldige advisering

De advocaat van de belegger vordert dat de bank op verschillende manieren tekortgeschoten is doordat zij bij het aangaan van de overeenkomsten de regels niet heeft nageleefd die haar bij of krachtens de Wet toezicht effectenverkeer 1995 ter bescherming van beleggers zijn opgelegd. Meer in het algemeen is zij in haar algemene zorgplicht tekortgeschoten door niet te handelen zoals in redelijkheid mag worden verlangd van een over voldoende inzicht en ervaring beschikkende beleggingsadviseur die zijn taak met nauwgezetheid en inzet verricht.

Waarschuwingsplicht en informatieplicht bij bij financieel advies

In hoger beroep werd voor beroepsfout van de adviseur door het gerechtshof schadevergoeding toegekend aan de belegger van € 1.134.187, te vermeerderen met rente en kosten. De bank ging in cassatie bij de Hoge Raad. Die oordeelde onder meer het volgende.

“De waarschuwingsplicht van de bank of beleggingsadviseur strekt er toe dat de bank zich in voldoende mate ervan dient te vergewissen dat de cliënt zich de bijzondere risico’s en de gevolgen die de verwerkelijking daarvan voor hem kunnen hebben, daadwerkelijk bewust is. Dat de bank de cliënt een verklaring laat tekenen waarin deze verklaart zich “van de risico’s ten volle bewust te zijn” is daarvoor onvoldoende. Hetzelfde geldt voor het enkele advies zich niet in betrokken handel te begeven. Ook het feit dat de belegger reeds in opties en futures had gehandeld met een zeer aanmerkelijk verlies, en dus reeds van de bijzondere risico’s op de hoogte was, stond niet aan het oordeel van het hof in de weg. De belegger was bij het aangaan van de relatie emotioneel over de geleden verliezen, wilde deze goedmaken, kon de risico’s niet goed inschatten en was niet in staat een verstandig beleggingsbeleid te voeren. Zoals het hof terecht heeft overwogen, was er in zijn geval dus juist reden te meer om indringend te waarschuwen voor de risico’s.”

Schadeberekening bij aansprakelijkheid voor beroepsfout

Volgens de Hoge Raad moet de schade van de belegger worden berekend door een vergelijking te maken tussen de situatie waarin hij zich thans bevindt, en die waarin hij zich zou hebben bevonden als de bank haar zorgplicht zou hebben nageleefd. Die vergelijking moet ook gemaakt worden bij andere vormen van beroepsaansprakelijkheid. Bijvoorbeeld bij aansprakelijkheid van een makelaar of notaris. De zaak is naar een ander Hof verwezen voor afdoening. Stel vrijblijvend je vraag over beroepsaansprakelijkheid aan advocaat Mark van Weeren

Uitspraak over aansprakelijkheid bij schending zorgplicht Hoge Raad 3- februari 2012, LJN BU4914.