26 januari 2012

Melding bestuurder bij financiele problemen voorkomt bestuurdersaansprakelijkheid

Categorie: Bestuursrecht

De bestuurder van de vennootschap moet betalingsonmacht melden. Melding moet schriftelijk gedaan worden bij de belastingdienst en/of bedrijfspensioenfonds. Het niet voldoen aan die verplichting, of het niet op juiste wijze voldoen aan die meldingsplicht kan ernstige consequenties hebben voor een directeur/bestuurder in privé. Hij kan aansprakelijk gehouden worden voor niet betaalde premies en belastingschulden van de rechtspersoon waarvan hij bestuurder is (geweest). Indien een rechtspersoon belastingen en premies niet kan voldoen, moet dat direct gemeld worden aan de betreffende uitvoeringsinstantie. Als dat niet gebeurt, kan iedere bestuurder hoofdelijk aangesproken worden voor de verschuldigde WBA-verplichtingen. Het wettelijk vermoeden brengt dat met zich mee. Dit geldt ook indien de vennotschap failliet gaat.

Ook een bestuurder die al is afgetreden kan hiermee geconfronteerd worden. Dat gebeurde in een zaak die de Hoge Raad heeft behandeld op 4 februari 2011 (LJN BP2998). Nadat de bestuurder was afgetreden, werden er naheffingsaanslagen opgelegd. De bestuurder werd aansprakelijk gehouden. Hij stelde zich op het standpunt dat toen hij bestuurder was, er geen betalingsonmacht aanwezig was en dat er nog liquide middelen waren.

De Hoge Raad heeft bepaald dat de betalingsplicht verband houdt met de financiële moeilijkheden van de rechtspersoon om te voldoen aan zijn betalingsverpichtingen. Van betalingsonmacht is dus ook sprake indien de rechtspersoon wel over liquide middelen beschikt om een belastingschuld te voldoen, maar de liquide middelen op dat moment voor andere betalingen aanwendt. Een dergelijke situatie is nu door de Hoge Raad ook als betalingsonmacht gekwalificeerd. Dat betekent dat de bestuurder in kwestie wel betalingsonmacht had moeten melden en hierop aangesproken kan worden voor naheffingsaanslagen (over de periode dat hij bestuurder was), die pas na zijn vertrek als bestuurder zijn opgelegd.

Hieruit kun je afleiden dat je als bestuurder op je hoede moet zijn als er keuzes gemaakt worden welke schulden er wel betaald worden en niet. Er kan zich dan een situatie van betalingsonmacht voordien die wel degelijk gemeld moet worden aan de belastingdienst en/of bedrijfspensioenfonds. Bestuurdersaansprakelijkheid kan hiermee voorkomen worden.