21 oktober 2014

Bestuurlijke boete en invordering

Categorie: Bestuursrecht

Besluit bestuurlijke boete kan tevens invorderingsbesluit van de boete zijn

Het besluit van een gemeente of ander bestuursorgaan tot oplegging van de bestuurlijke boete kan tevens besluit tot invordering zijn. Zowel tegen het besluit tot oplegging van de bestuurlijke boete als het invorderingsbesluit kan bezwaar en beroep aangetekend worden. Bezwaar tegen de boete schort het besluit echter niet. De gemeente kan proberen de bestuurlijke boete te incasseren terwijl de procedure de bezwaarprocedure of beroepsprocedure nog loopt. Als dat gebeurt kan de belanghebbende in kort geding een voorlopige voorziening vorderen dat het besluit wordt geschorst.

Invordering bestuurlijke boete met dwangbevel of vonnis burgerlijke rechter

Ook de overheid heeft voor het invorderen van een boete in een titel nodig. Dat kan een dwangbevel zijn op basis van de Invorderingswet (zoals ook bij invorderen van een belastingschuld met dwangbevel kan plaatsvinden). Ook kan via een procedure bij de burgerlijke rechter een vonnis gevraagd worden om te kunnen executeren tegen de schuldenaar. Echter het staat de schuldenaar ook vrij een procedure bij de burgerlijke rechter te starten om het handelen van de overheid te laten toetsen, vooral als sprake zou zijn van onrechtmatig handelen, of een nader grond die het invorderen van de bestuurlijke boete onredelijk of onrechtmatig maakt.

Vergoeding rente en schadevergoeding bij vernietiging boetebesluit

Indien u in een procedure in het gelijk wordt gesteld en vaststaat dat de bestuurlijke boete ten onrechte is opgelegd en in geïncasseerd dan dient de gemeente de betaalde boete met rente terug te betalen (art. 4:102 AWB). Bij te late betaling door de schuldenaar van de boete zal wettelijke rente verschuldigd zijn. Indien het bezwaar of beroep gegrond wordt verklaard is het besluit onrechtmatig. Schade veroorzaakt door het besluit en/of invordering van de bestuurlijke boete kan verhaald worden op het bestuursorgaan in kwestie, bijvoorbeeld kosten van geldlening, het mislopen van een subsidie, e.d.

Bestuurlijk boete bij overtreding Huisvestigingswet of Huisvestigingsverordening

Uit artikel 5:40 AWB volgt immers dat de bestuurlijke boete is gedefinieerd als een onvoorwaardelijke verplichting tot het betalen van een geldsom. De bestuurlijk boete kan gebaseerd zijn over een wettelijke overtreding bijvoorbeeld van de Huisvestigingswet of Huisvestigingsverordening. In de Huisvestigingswet geen bepaling opgenomen die een mogelijkheid tot schorsing biedt ten aanzien van overtredingen op grond van artikel 30 Hvw. De Huisvestingswet voorziet enkel in een mogelijkheid tot schorsing bij een besluit tot het ter beschikking stellen van leegstaande woningen (zie art. 44 Huisvestigingswet).

Verzoek tot uitstel van betaling bestuurlijke boete

Aan de gemeente kan worden verzocht tot uitstel van betaling van de bestuurlijke boete op voet van artikel 4:94 Awb. Artikel 4:94 besteedt geen aandacht aan de vraag wanneer uitstel van betaling moet worden verleend. De memorie van toelichting acht de omstandigheden die uitstel van betaling kunnen rechtvaardigen, zo divers dat regeling daarvan in de Awb niet mogelijk is. Niet uitgesloten is bijvoorbeeld dat het bestuursorgaan uitstel van betaling verleent om de belanghebbende de gelegenheid te geven de periode van bezwaar en beroep te kunnen overbruggen. Dit kan wenselijk zijn aangezien volgens de hoofdregel van artikel 6:16 Awb bezwaar en beroep geen schorsende werking hebben.

Termijn betaling bestuurlijke boete en verzoek om betaling in termijnen en kwijtschelding boete

Voor betaling van de bestuurlijke boete dient en termijn van minimaal 6 weken gesteld te worden door het bestuursorgaan. Belanghebbende kan het overheidsorgaan verzoeken om betaling in termijnen of mom kwijtschelding van de bestuurlijke boete. Het spreekt voor zich dat een verzoek tot kwijtschelding om enige kans te maken goed gemotiveerd moet zijn. Het bestuursorgaan kan ook de bestuurlijke boete verrekenen met een vordering die de belanghebbende nog heeft, bijvoorbeeld uit hoofde van een subsidie die nog uitbetaald moet worden. Lees ook: dwangbevel en invordering na bestuursdwang.