26 juli 2012

Ontruimingsvonnis ongedaan gemaakt in hoger beroep; ontruiming huurder onrechtmatig

Categorie: Bestuursrecht

Schadevergoeding na onrechtmatige ontruiming

De nieuwe verhuurder wil in deze zaak van de huurder afl hij wenst ontruimng van de huurder. Alle klachten over de huurder worden aangegrepen om de huurovereenkomst door de rechter te laten beeindigen.

De huurder zou van meet af aan (nadat de nieuwe verhuurder ten tonele kwam) zich niet als een goed huurder heeft gedragen (geluidsoverlast, te lang open en nalaten onderhoudsverplichting) en haar verplichting om – telkens bij vooruitbetaling – de huurprijs (gebaseerd op een schatting van de per kwartaal te verwachten omzet) en het voorschot op de vergoedingen van de bijgeleverde diensten (energiekosten) alles te vermeerderen met BTW, niet is nagekomen.

Vordering onbinding en ontruiming huurder

De huurder heeft allerhande verweer gevoerd tegen de gevorderde ontbinding en ontruiming. De kantonrechter is nog ter plaatste wezen kijken. Tenslotte heeft de kantonrechter bij eindvonnis de huurovereenkomst ontbonden, de ontruiming van het gehuurde gelast. De advocaat van de gedupeerde huurder heet hoger beroep aangetekend. De rechter in hoger beroep, het Gerechtshof in Leeuwarden, heeft een ander visie op kwestie.

Zo mocht de huurder wel betaling van energiekosten opschorten omdat de verhuurder volgens het huurcontract elk jaar een rubrieksgewijs overzicht van de kosten van de leveringen en diensten te verstrekken, met vermelding van de wijze van berekening daarvan en het aandeel van de huurder in die kosten. Voor een beoordeling van het overzicht van energiekosten mag een huurder inzage verlangen in de rekeningen van de energieleverancier aan de verhuurder.

Grond ontbinding huurcontract onvoldoende

En over vermeende te late betalingen van de huur: de verhuurder werd eerst in mei 2005 verhuurder, en er is slecht eenmaal een te late betaling geweest in het 4e kwartaal van 2005, zodat zonder verdere toelichting – die ontbreekt – niet valt in te zien, dat de verhuurder daarmee haar vordering tot ontbinding en ontruiming gerechtvaardigd kan onderbouwen.

De geluidsoverlast die huurder zou veroorzaken speelde ook ten tijde van de vorige verhuurder. De dwangbevelen van de gemeente acht het Hof niet relevant nu deze, wat daar verder ook van zij, dateren van ver voor het moment dat de nieuwe verhuurder verscheen, en niet is gesteld of gebleken dat de vorige verhuurder daar een punt van heeft gemaakt.

Vonnis ontruining huurder vernietigd

Het Hof acht het ontruimingsvonnis onterecht en de ontruiming door verhuurder is daarmee onrechtmatig. Hof: “nu van voorgezette exploitatie van het recreatiepark door de huurder geen sprake meer is en de huurder aanspraak maakt op schadevergoeding wegens de in haar ogen onrechtmatig aangezegde ontbinding en ontruiming, heeft de onderhavige procedure thans in feite nog als onderwerp de definitieve afrekening tussen partijen.”

Gerechtshof Leeuwarden, 25 juli 2012 , LJN: BX2683. Te vinden op rechtspraak.nl