5 december 2014

Bestuursrecht en gedoogbeleid

Categorie: Bestuursrecht

Strafrecht en bestuursrecht uit de pas bij sanctie coffeeshop

Sinds de uitspraak van het Hof Amsterdam in de Checkpoint zaak waarin de eigenaar van een coffeeshop geen straf kreeg voor een te grote handelsvoorraad in zijn woning, is dit oordeel gevolgd in zes uitspraken door strafrechters. De bestuursrechter die sancties als sluiting van de coffeeshop en intrekking van de exploitatievergunning moet beoordelen voor dezelfde feiten (!) handhaaft de sancties van de burgemeester wel. Ten onrechte. De sancties van de burgemeester tegen coffeeshops moeten op dezelfde wijze getoetst worden: aan het te beschermen belang en het evenredigheidsbeginsel. Werk aan de winkle voor de advocaat bestuursrecht die met bestuursdwang door de gemeente wordt geconfronteerd

Uitspraak Checkpoint: onvoldoende belang en onevenredigheid > geen straf exploitant coffeeshop

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan opzettelijk aanwezig hebben van ruim tien kilo softdrugs in zijn woning. In eerste aanleg is de verdachte schuldig verklaard ter zake van het ten laste gelegde en is bepaald dat, met toepassing van artikel 9a van het Wetboek van Strafrecht, geen straf of maatregel wordt opgelegd.

Het feit dat de verdachte eigenaar is van een coffeeshop, doet dit feit onder gedoogbeleid vallen. Vanaf 1989 exploiteert hij in Delft een coffeeshop. Nooit aangezegd dat er iets niet in orde zou zijn in zijn coffeeshop. Van overlast of enige andere overtreding van de aan de verdachte bekende AHOJ-G criteria van het gedoogbeleid, is niet gebleken. Bij de exploitant is het gerechtvaardigd vertrouwen is opgewekt dat hij niet (verder) zal worden vervolgd. Bij vervolging van een achterdeurfeit moet sprake zijn van enig door strafrechtelijke handhaving beschermd belang dat bij de vervolging gediend kan zijn.

Toetsing belang bij vervolging en onevenredige gevolge exploitant onder gedoogbeleid

Volgens het Hof moet worden geoordeeld dat de door de Hoge Raad als toetsingsmaatstaf aangeduide aperte onevenredigheid tussen de vervolgingsbeslissing en de daarbij te betrekken belangen, zich in voordoet. Daarom wordt geen straf opgelegd. Dezelfde toets dient in het bestuursrecht toegepast te worden door de bestuursrechter de sancties van de burgemeester moet beoordelen.

Inherent onredelijkheid gedoogbeleid: exploitatie coffeeshop niet mogelijk zonder bevoorrading

Het Gerechtshof overweegt dat het gevoerde gedoogbeleid een “achterdeurproblematiek” met zich brengt, onder andere met betrekking tot de aanvoer van de voorraad. Daarmee staat naar het oordeel van het hof vast dat de exploitatie van de coffeeshop redelijkerwijs niet kan worden uitgevoerd zonder het aanhouden van een zekere voorraad, zij het dat deze “stash” zich op een locatie buiten de coffeeshop zal dienen te bevinden. Het hof is met de rechtbank van oordeel dat, daar waar aan de voorkant van het coffeeshopbeleid wordt gedoogd dat vanuit de coffeeshop softdrugs wordt verkocht en dat ten behoeve van die verkoop een zekere hoeveelheid softdrugs in de coffeeshop aanwezig is, voorts wordt geaccepteerd dat er een achterdeurproblematiek is, waarmee het aanhouden van een zekere voorraad onlosmakelijk is verbonden.

Dezelfde belangenafweging en evenredigheidstoetsing dient ook in bestuursrecht

De sanctie die de burgemeester een exploitant kan opleggen wordt niet vooraf getoetst door een rechter. Hier schurkt de sanctiebevoegdheid van het bestuur tegen grondrechten van het EVRM. De sanctie als sluiting van de inrichting of intrekking van een exploitatievergunning zin (zeer) zwaar en en kunnen (onevenredig) zware gevolgen hebben voor de horeca-exploitant of eigenaar van een coffeeshop die handelt binnen het gedoogbeleid. Hier ligt een taak voor de advocaat bestuursrecht om de bestuursrechter er van te overtuigen dat een terughoudende toetsing achterhaald is. Bij sanctie als sluiting en intrekking van een vergunning dient de bestuursrechter het besluit van de burgemeester indringend en volledig te toetsen. Binnenkort zal ik bij een voorlopige voorziening tegen een besluit tot sluiting van een Brabantse burgemeester de bestuursrechter hiervan proberen de overtuigen. Ook de bestuursrechter moet om, net als de strafrechter. Lees ook: handhaven en gedogen.