23 mei 2013

Wabo en omgevingsvergunning van rechtswege

Categorie: Vergunningen

Bezwaar tegen vergunning legt foute procedure gemeente bloot

De aanvraag voor een omgevingsvergunning kan soms in een schimmig web van termijnen verdwijnen. Dat blijkt ook uit de uitspraak van 30 januari 2013 van de bestuursrechter van de rechtbank Breda (LJN: BZ0877). De Wabo kent twee voorbereidingsprocedures: de reguliere en de uitgebreide. Op grond van artikel 3.7 Wabo moet voor de planologische afwijkingsmogelijkheden genoemd in artikel 2.12 lid 1a onder 1 en 2 de reguliere voorbereidingsprocedure worden toegepast. Deze procedure houdt dat Binnen 8 weken moet een beslissing op de aanvraag genomen moet worden. Deze termijn kan eenmaal met 6 weken verdaagd worden. Als de termijn niet wordt gehaald dan is de vergunning van rechtswege verleend.

Voor kruimelgevallen dient niet de uitgebreide voorbereidingsprocedure gevolgd te worden

De beslissing van de gemeente tot toepassing van de regeling voor kruimelgevallen (artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a sub 2, Wabo) moet worden voorbereid met behulp van een reguliere procedure als bedoeld in afdeling 3.2 van de Wabo, en dat het niet tijdig beslissen op een aanvraag met zo’n strekking – gelet op het bepaalde in artikel 3.9 van de Wabo – kan leiden tot een omgevingsvergunning van rechtswege. In artikel 4 van bijlage van het Besluit Omgevingsrecht (Bor) zijn verschillende thema’s genoemd waarvoor mogelijkheden zijn opgenomen om een planologische afwijking te verlenen, ook voor een monument, op grond van artikel 2.12 lid 1a sub 2.

Vergunning van rechtswege na volgen onjuiste vergunningprocedure

Als de gemeente echter geen reguliere procedure volgt maar de uniforme openbare voorbereidingsprocedure (UOV), dan kan de rechter het besluit vernietigen wegens het volgen van een onjuiste procedure. De situatie doet zich dan voor dat de gemeente ( na het verstrijken van reguliere beslistermijn van 9 weken) niet langer bevoegd om inhoudelijk op de aanvraag voor de omgevingsvergunning te beslissen. De termijnen zijn bij de reguliere procedure voor een omgevingsvergunning immers korter. Dat leidt tot een vergunning van rechtswege als de gemeente niet binnen acht weken heeft beslist op de aanvraag.

Rechtbank verleend in bijzondere situatie zelf de vergunning

Het is mogelijk dat de rechtbank zelf een gebrek in een besluit van rechtswege herstelt. Daar zijn voorbeeld van in de rechtspraak. Dat gebeurde in deze uitspraak van de rechtbank Breda:
“Op basis van al het vorenstaande zal de rechtbank zelf in de zaak voorzien, door het verlenen van een omgevingsvergunning – krachtens artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wabo – voor het bouwplan zoals aangevraagd op 6 december 2011 en de daarbij behorende bouwtekeningen.”

Aanvraag vergunning bijgebouw bij monument met reguliere omgevingsvergunning

In die zaak meende de gemeente dat voor een bijgebouw bij een monument geen uitgebreide procedure gevolgd diende te worden wegens strijd met het bestemmingsplan en de status van monument. De rechtbank dacht er anders over. De rechtbank kwalificeert de uitbreiding als een bijbehorend bouwwerk in de zin van artikel 4, eerste lid, aanhef en onder a, van bijlage II die behoort bij het Besluit omgevingsrecht. Voor een monument kan dus een andee procedure gelden. Vraag het aan onze specialist monumentenrecht.