20 maart 2013

Schijn van volmacht

Categorie: Bestuursrecht

Volmacht en schijn van volmacht

Het komt nogal eens voor dat iemand een ander vertegenwoordigt. Een bijzondere vorm van zo’n vertegenwoordiging is “volmacht”, zoals bepaald in artikel 3:61 BW. Wanneer iemand een bedrijf of persoon vertegenwoordigt, zonder dat deze daarvoor een volmacht heeft verkregen, is er sprake van schijn van volmacht. In zo’n geval kan het desbetreffende bedrijf of de desbetreffende persoon (“de achterman”) soms toch aan de rechtshandeling van de niet-gevolmachtigde gebonden zijn.

Artikel 3:61 lid 2 BW bepaalt omtrent schijn van volmacht het volgende:

“Is een rechtshandeling in naam van een ander verricht, dan kan tegen de wederpartij, indien zij op grond van een verklaring of gedraging van die ander heeft aangenomen en onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht aannemen dat een toereikende volmacht was verleend, op de onjuistheid van deze veronderstelling geen beroep worden gedaan.”

Volgens de wettekst lijkt alleen sprake te zijn voor toerekening aan de achterman in geval van een toedoen of nalaten van de achterman, waardoor de schijn van aanwezigheid van een toereikende volmacht wordt gewekt.

Schijn van volmachtverlening door alle omstandigheden van het geval

De Hoge Raad heeft vorig jaar bepaald dat bij het opwekken van de schijn van volmachtverlening niet noodzakelijkerwijze sprake moet zijn van een toedoen van de achterman. De Hoge Raad heeft immers bepaald dat, indien uit feiten en omstandigheden na verkeersopvattingen schijn van volmachtverlening kan worden afgeleid, en deze feiten en omstandigheden voor rekening en risico van de achterman dienen te komen, de achterman dan gebonden kan worden door de onbevoegd vertegenwoordiger.

De Hoge Raad heeft hieraan toegevoegd dat het deel uitmaken van een ondoorzichtige groep van organisaties, met een ondoorzichtige bevoegdheidsverdeling, onder omstandigheden kan bijdragen aan de schijn van volmachtverlening.

Een typisch voorbeeld van schijn van volmachtverlening is een grote vennootschap met een complexe interne structuur waar het voor menig wederpartij vrijwel onmogelijk is om te bepalen of men met een bevoegd vertegenwoordiger te maken heeft of niet. Ook al is dan geen sprake van een doen of nalaten van die grote vennootschap, de omstandigheden (grote, complexe, ondoorzichtige bevoegdheidsstructuur) die tot een schijn van volmachtverlening leiden, dienen voor rekening van die vennootschap te komen in plaats van de “onwetende” wederpartij. Op grond daarvan kan de vennootschap toch gebonden zijn aan rechtshandelingen die verricht zijn door een onbevoegd vertegenwoordiger.
De Hoge Raad heeft overigens wel geoordeeld dat dergelijke situaties slechts uitzonderlijke gevallen zijn.

Advocaat adviseert over schijn van volmacht

Als u te maken heeft met een kwestie waarbij u een beroep wilt doen op schijn van volmachtverlening, dan wel u of uw bedrijf onbevoegd is vertegenwoordigd en u op grond daarvan de betreffende rechtshandeling wenst aan te tasten, dan kunt u uiteraard vrijblijvend contact met ons opnemen.

  • E |