24 augustus 2022

Wanneer heb je een natuurvergunning nodig?

Categorie: Vergunningen

Ruimtelijke ontwikkelingen hebben dikwijls gevolgen voor de natuurwaarden die ter plaatse aanwezig zijn. Hierbij kan gedacht worden aan beschermde habitattypen en diersoorten die verstoord worden door stikstofuitstoot, verslechtering van de luchtkwaliteit of bodemverstoring.

In een eerdere blog is uiteen gezet hoe omwonenden en eigenaren van nabijgelegen percelen, of ondernemers wiens bedrijfsvoering sterk afhankelijk is van het desbetreffende natuurgebied, kunnen procederen tegen een besluit dat aantasting van de natuur kan veroorzaken. Voor activiteiten  waarbij mogelijk natuurwaarden aangetast worden, geldt dat een vergunning nodig is op grond van de Wet natuurbescherming (natuurvergunning).

Situaties waarin een natuurvergunning aangevraagd moet worden

De bepalingen die gelden ter waarborging van beschermde habitattypen en diersoorten zijn neergelegd in de Wet natuurbescherming (Wnb). In deze wet wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds plannen en anderzijds projecten. Het begrip ‘plan’ in de zin van de Wnb betreft een ruimtelijk plan dat een bestuursorgaan wordt vastgesteld, zoals een bestemmingsplan. Het begrip ‘project’ ziet op alle ruimtelijke projecten, dus ook projecten en evenementen van particulieren en ondernemers.

Uit de Wnb volgt dat wanneer een voorgenomen plan of project significante gevolgen kan hebben voor een natura 2000-gebied, deze enkel vastgesteld respectievelijk gerealiseerd kan worden als aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Voor particulieren en ondernemers die een project wensen te realiseren betekent dit dat zij een Natuurvergunning moeten aanvragen bij gedeputeerde staten. In het hierna volgende worden de vereisten voor het verkrijgen van een Natuurvergunning voor een project besproken.

Natuurvergunning voor bedrijfsactiviteiten en bouwactiviteiten

In geval van bedrijfsactiviteiten of bouwactiviteit  in de buurt van een beschermd natuurmonument en/of een Natura 2000-gebied, zal in veel gevallen een vergunning wet Natuurbescherming Nodig zijn. Het kan dus zo zijn dat u een vergunning of ontheffing nodig hebt of een melding moet doen bij:

  • Activiteiten die effecten kunnen hebben op een of meer Natura 2000-gebieden.
    Niet de locatie of de (vervuilende) activiteit is hierbij van belang, maar het effect op een beschermd gebied (Natura 2000).
  • Activiteiten die effect kunnen hebben op de beschermde dieren en planten en hun habitat.
  • Activiteiten om schade en overlast van dieren te bestrijden.
  • Kappen of herplanten van Bossen of andere houtopstanden.  In het buitengebied dient u hiervoor mogelijk een melding moet doen.

Hoofdstuk 5 van de Wet Natuur regelt de procedurele aspecten van de natuurvergunning en de ontheffing. De provincie kan in een verordening regels stellen over de procedure en de inhoud van de melding.

Vereisten om voor een natuurvergunning in aanmerking te komen

Wanneer niet kan worden uitgesloten dat het beoogde project of evenement significante gevolgen kan hebben voor het natuurgebied, dient een passende beoordeling te worden gemaakt van de mogelijke gevolgen van het project voor het Natura 2000-gebied. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de instandhoudingsdoelstellingen van het gebied, welke teruggevonden kunnen worden op de website van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit. De natuurvergunning voor het project kan enkel verleend worden wanneer uit de beoordeling de zekerheid is verkregen dat deze de kenmerken van het Natura 2000-gebied niet zal aantasten.

Wanneer dit niet het geval is, kan het plan of project enkel gerealiseerd worden wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

  1. er zijn geen alternatieve oplossingen;
  2. het plan of project is nodig om dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard, en;
  3. de nodige compenserende maatregelen worden getroffen om te waarborgen dat de algehele samenhang van Natura 2000 bewaard blijft.

Met de inwerkingtreding van de Stikstofwet zal in de Wnb een streefwaarde geïntroduceerd worden voor het terugbrengen van stikstofneerslag op Natura 2000-gebieden, wat ook gevolgen zal hebben voor vergunningaanvragen. Voor meer informatie over de nieuwe Stikstofwet kunt u een eerder door ons geschreven blog raadplegen.

Rechter toetst streng of natuur niet wordt aangetast

De overheid kan alleen toestemming voor een plan of project geven als zeker is dat het de natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden niet aantast. Volgens de rechtbank blijkt echter uit de rapporten waarop de verlaging van de maximumsnelheid is gebaseerd, dat niet kan worden uitgesloten dat de natuurlijke kenmerken van enkele Natura 2000-gebieden toch nog worden aangetast, en dat aanvullende maatregelen nodig zijn om de toename van stikstofdepositie weg te nemen. Deze aanvullende maatregelen zijn nog niet uitgevoerd. In deze rechtszaak zette de rechter een streek door woningbouw in Egmond. Er was geen zekerheid dat de natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden niet worden aangetast door de bouwactiviteiten. Dit is in strijd met de Habitatrichtlijn. De rechtbank concludeert daarom dat deze regeling van het stikstofregistratiesysteem niet mag worden toegepast bij de verlening van deze vergunning. De rechtbank vernietigt om die reden de vergunning.

Wijziging of uitbreiding van een bestaande activiteit

Wanneer de uitbreiding van een reeds bestaande activiteit wordt beoogd, hoeft niet in alle gevallen een natuurvergunning aangevraagd te worden. Dit oordeelde de Afdeling in haar uitspraak van 20 januari 2021 over de uitbreiding van een varkenshouderij (ECLI:NL:RVS:2021:71).

Indien een bestaande inrichting gewijzigd of uitgebreid wordt, dient bij wijze van voortoets ook beoordeeld te worden of er een toename van stikstofdepositie bestaat ten opzichte van de referentiesituatie (lees: bestaande situatie). Met andere woorden, hiermee wordt getoetst of de wijziging significante gevolgen heeft voor de aanwezige natuurwaarden.

Bij het beoordelen van een eventuele toename van stikstofdepositie, mag intern gesaldeerd worden. Dit houdt, kort gezegd, in dat wanneer bij het doorvoeren van de wijziging of uitbreiding stikstof wordt uitgestoten, rekening mag worden gehouden met technieken waarmee deze uitstoot op diezelfde locatie kan worden gecompenseerd.

Sinds de uitspraak van de Afdeling van 20 januari 2021 geldt het volgende uitgangspunt: als de wijziging of uitbreiding van een project niet leidt tot een toename van stikstofdepositie ten opzichte van de referentiesituatie (doordat intern gesaldeerd wordt), dan is op grond van objectieve gegevens uitgesloten dat die wijziging significante gevolgen heeft. Voor dergelijke situaties geldt dan ook in het geheel geen vergunningplicht, waardoor ook het verrichten van een passende beoordeling niet langer nodig is.

Inspraak verplicht voordat beslist wordt op aanvraag natuurvergunning

De Raad van State heeft in een uitspraak van 14 juli 2021 bepaald dat overheden inspraak moeten bieden voordat zij beslissen op een aanvraag voor een natuurvergunning. Die verplichting volgt uit de Europese Habitatrichtlijn en het Verdrag van Aarhus. Verschillende overheden bieden op dit moment al inspraak, maar dit is voortaan verplicht en niet meer vrijblijvend. De minister van LNV en de provinciebesturen verplicht om de uniforme openbare voorbereidingsprocedure toe te passen, hoewel de oude Natuurbeschermingswet en de huidige Wet natuurbescherming dat niet verplichten. In de nieuwe Omgevingswet die naar verwachting medio volgend jaar in werking treedt, is deze inspraak wel verplicht.

Omstandigheden die van belang zijn bij intrekking van een natuurvergunning

De vergunningverlening (provincie) hoeft een natuurvergunning niet in te trekken, als het kiest voor andere maatregelen die verslechtering van de natuur kunnen voorkomen. Daarbij kan gedacht worden aan een programma of een pakket van maatregelen dat gericht is op daling van stikstofneerslag. Dat volgt uit een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 20 januari 2021 over de natuurvergunning voor een veehouderij in Oirschot. Overigens blijft die natuurvergunning overeind, omdat deze veehouderij door een wetswijziging inmiddels geen natuurvergunning meer nodig heeft.

Het team bestuursrecht van Blenheim helpt u graag met kwesties rond de natuurvergunning.