24 december 2015

Het opheffen van beslag door het stellen van zekerheid. Waaraan moet die zekerheid voldoen?

Categorie: Bestuursrecht

Het opheffen van beslag door het stellen van zekerheid

Waaraan moet die zekerheid voldoen?

De wet geeft een schuldeiser de mogelijkheid om – zelfs nog voordat zijn vordering door de rechter is toegewezen – beslag te leggen op het vermogen van zijn schuldenaar. Met een dergelijk “conservatoir beslag” kan de schuldeiser proberen zijn verhaalsmogelijkheden veilig te stellen.

Een (conservatoir) beslag kan voor de schuldenaar vervelend zijn. Er kan bijvoorbeeld beslag op bankrekeningen worden gelegd waardoor de schuldenaar het beslagen banksaldo niet meer kan gebruiken. Of er wordt beslag gelegd onder debiteuren van de schuldenaar waardoor de inkomsten van de schuldenaar opdrogen.

In de wet is geregeld dat de schuldenaar in de volgende gevallen aan de rechter kan vragen om het beslag op te heffen:

  • als de formele vereisten voor het leggen van beslag niet zijn nageleefd;

  • als de vordering waarvoor beslag is gelegd niet bestaat;

  • als het leggen van beslag onnodig is; en

  • als voor de vordering waarvoor beslag is gelegd voldoende zekerheid wordt gesteld.

    In dit blog komt aan de orde wanneer voldoende zekerheid is gesteld, zodat een gelegd beslag moet worden opgeheven.

    In een uitspraak van 16 april 2015 heeft het Gerechtshof Den Bosch kort omschreven wanneer er sprake is van voldoende zekerheid voor het opheffen van een beslag dat is gelegd voor een geldvordering:

    De aangeboden zekerheid moet de vordering en de verschuldigde rente en kosten behoorlijk dekken. Daarnaast moet de schuldeiser zonder moeite de zekerheid kunnen uitwinnen.

    Als zekerheid wordt gesteld voor een geldvordering dan gaat dat over het algemeen door het stellen van een bankgarantie. De Nederlandse Vereniging van Banken heeft daarvoor een speciaal model bankgarantie ontwikkeld.

    In dit standaardmodel staat dat de bankgarantie pas kan worden geroepen als er een uitspraak is gedaan waarin de vordering (waarvoor het beslag was gelegd) is toegewezen en er aan die uitspraak niets meer gedaan kan worden. Er mag dus bijvoorbeeld geen beroep meer open staan tegen die uitspraak. Dit kan voor de schuldeiser vervelend zijn. Bij het uitwinnen van een (conservatoir) beslag hoeft hij over het algemeen niet te wachten tot zijn uitspraak definitief is. Hij kan het beslag vaak al uitwinnen nadat zijn vordering in eerste instantie is toegewezen.

    In de hiervoor genoemde uitspraak oordeelde het Gerechtshof dat een bankgarantie die pas kan worden uitgewonnen als hij in “kracht van gewijsde” is gegaan desalniettemin voldoende zekerheid geeft. Na het stellen van zo’n bankgarantie moet een gelegd beslag worden opgeheven.

    Het Gerechtshof baseert deze uitspraak op de volgende overwegingen:

  • In de wet staat niet dat de vervangende zekerheid in alle opzichten gelijkwaardig moet zijn aan het beslag.

  • Een bankgarantie geeft in bepaalde opzichten meer zekerheid dan een conservatoir beslag. In geval van faillissement vervalt bijvoorbeeld een beslag, maar kan een bankgarantie nog wel worden ingeroepen.

  • Een bankgarantie biedt ook meer zekerheid als door meerdere schuldeisers beslag wordt gelegd op hetzelfde goed.

    Op grond van deze omstandigheden oordeelt het Gerechtshof dat een bankgarantie niet ongunstiger is dan een beslag en dus voldoende zekerheid geeft.

    Er zijn overigens nog andere argumenten te verzinnen waarom een bankgarantie niet minder zekerheid biedt dan een beslag (ook niet als die garantie pas kan worden uitgewonnen als de vordering definitief is toegewezen):

  • Het feit dat er een bankgarantie is gesteld staat er niet aan in de weg dat de beslaglegger na verkrijging van een vonnis alsnog beslag legt (maar dan “executoriaal”) en dit beslag meteen uitwint.

  • Als de vordering in eerste aanleg wordt afgewezen, dan blijft de bankgarantie van kracht, terwijl de kans bestaat dat een beslag dan zal worden opgeheven.

    Als de vordering waarvoor beslag is gelegd wordt afgewezen, dan is de beslagleggen over het algemeen aansprakelijk voor de door het beslag veroorzaakte schade. De kans op schade is veel kleiner als er een bankgarantie is gesteld. Zo’n garantie doet namelijk veel minder ‘pijn.